Op de ergometer een marathon roeien is iets meer dan een jaar geleden voor het eerst in mij opgekomen. Vorig jaar wilde ik al meedoen maar ik was te laat met de inschrijving. Misschien ook maar goed ook want mijn voorbereiding vorig jaar zou lang niet zo goed zijn geweest als wat ik dit jaar heb gedaan. Bij het missen van die marathon vorig jaar had ik me meteen al voorgenomen om volgend jaar zeker wel mee te doen. Daarmee heb ik eigenlijk al een trainings “schema” opgepakt ruim een jaar voordat ik zou gaan starten.
Ik heb niet echt een logboek bijgehouden met mijn trainingen en heb ook geen schema gemaakt. Mijn schema zat globaal in mijn hoofd en eigenlijk was dat ook wel fijn want ik kon het zo heel goed combineren met andere dingen. Periodisering in het trainingsschema ontstond door de van nature aanwezige periodisering in mijn gewone dagelijkse leven. Tijdens drukke periodes train ik wat minder en als ik weet dat ik veel tijd ga hebben een bepaalde week of een bepaald weekend dan train ik daar naar toe.
Mijn serieuzere trainingen begonnen in september. Op dat moment werd mijn trainingsdoel de marathon (en de ringvaart). Echter ik deed deed nog niet veel anders dan wat ik daarvoor deed: 3 a 4 keer in de week een standaard duur training van 1 tot 1.5 uur. Eigenlijk deed ik niet zoveel anders als de roeiers die trainen voor een 2km. In het begin was het nog vaak op het water maar gedurende oktober veranderde dat voor mij wel en ging ik alleen maar op de ergometer trainen. Ik geloof zelf dat trainen op de ergometer heel effectief is. Alleen veel mensen houden er niet zo van.
In oktober en november heb ik ook een aantal snelheids trainingen gedaan. Ik wilde graag mijn 2km verbeteren tijdens de NKIR maar ook komt het wel mooi uit om op dat moment wat meer kracht en vermogen te trainen voor de lange afstanden. In de praktijk was het echter vooral nog steeds veel lang. Die snelheids trainingen betekende eigenlijk alleen 3x10 minuten.
Ergens in November ben ik voor het eerst echt lang op een ergometer gaan zitten om te kijken of het wel leuk en fijn is zo lang op een ergometer. Het viel me reuze mee. 2 uurtjes roeien begon ik tussen de 160 en 170 Watt en eindigde op 180 Watt.
In December na de NKIR heb ik het roer omgegooid en zijn de trainingen meer specifiek op de marathon gericht. Mijn trainingsvolume ging wekelijks omhoog. Voornamelijk gebeurde dat in de trainingen. Het aantal trainingen is niet echt toegenomenen en bleef 3 a 4 keer in de week. In December en ook nog in februari deed ik naast de vele lange steady state duur traingen veel lange afstanden van 1 tot 1.5 uur met om de 5 minuten een stukje van 1 minuut snel. Actief herstel is waar ik mijn lichaam in die periode aan wilde laten wennen en tegelijk ook moet je je lichaam naar hogere snelheden pushen. Voor mij waren die trainingen heel motiverend omdat je op een gegeven moment krijgt dat je snelheid gedurende dat actieve herstel hoger ligt dan wat voorheen je normale standaard snelheid was.
In Januari ben ik begonnen met de long slow distance (LSD). Deze trainingsvorm is vooral populair bij de ultramarathon lopers. De ultramarathon is ook waar ik mijzelf op wil richten. LSD komt er op neer dat je tussen de 3 a 6 uur traint. Voor mij betekende dat in de praktijk dat ik in januari begon bij 2 uur en in februari bij 4 uur eindigde. Half januari deed ik mijn eerste marathon als trainingsvorm. Op een rustig tempo 19 a 20 kwam ik op een tijd van 2h57'08.5''. Mooi begin vond ik voor mezelf omdat mijn doel was om op 1 maart de 2h50' te halen.
Ik zelf geloof dat de LSD trainingen voor mij zeer veel hebben geholpen. Niet alleen verbetert de economie van het lichaam in het omgaan met de glycogeen voorraden en verbranding van vetzuren, van die lange stukken verdwijnt op een gegeven moment ook de pijn en verveling van het roeien. De eerste keer 30km voelde nog onaangenaam maar na een aantal keertjes extreem lang op de ergometer te zitten krijg je nergens meer last van. Ook psychologisch helpt het. Terwijl iedereen om me voor gek verklaarde om drie uur op een ergometer gaat zitten voelde het voor mij alsof de tijd ineenkrimpt zodra ik erop ga zitten. Alsof het een soort van meditatie toestel is. Was voorheen een uur lang roeien nog best flink. Nu is het nog maar het laatste stukje van de training dat je wel eventjes kan doen. Zeg maar het laatste baantje.
Ik merkte na de 1 a 2 daagjes rust van de LSD dat de tijden op de ergometer naar beneden schoten. Op een gegeven moment trainde ik een LSD in het weekend en 2 a 3 keer tussen de 20-30 km door de week. Iedere week ging langer en sneller maar ook gemakkelijker. Ik heb toen mijn streeftijd wat scherper gesteld. Van 198 watt heb ik 208 watt gemaakt.
De race verliep echter niet zo goed als de trainingen de laatste maand. Misschien was het de wat mindere week die er aan vooraf liep. Ik denk zelf echter dat ik gewoon te hard van start ben gegaan. Bij mijn 20-30km trainingen begon ik altijd rustig en eindig ik dan in een wat hoger tempo en een hogere snelheid. Ik geloof zelf dat dit een goede strategie is om in het begin glycogeen te besparen. Snelle en actieve bewegingen zijn dan niet van belang voor de tweede helft van de race. In die trainingen op de halve marathon begon ik dus altijd op 20 slagen per minuut en eindigde ik op 22. Tijdens de marthon op 1 maart begon ik al op tempo 21-22. In plaats van netjes onder de 208 Watt zat ik ongeveer op 213 Watt. En eigenlijk voelde dat tempo en die snelheid op dat moment nog best wel lekker.
Op een gegeven moment ergens halverwege schoten de snelheid en tempo omhoog en ging ik naar tempo 24 en ik kan me ook herrineren dat mijn vermogen naar 217 Watt ging en af en toe boven de 220 schoot. Na dat ongeveer 5minuutjes gedaan te hebben dacht ik uhoh dit herken ik. Tijdens mijn trainingen heb ik dat ook wel eens het laatste uur. Dan schiet de snelheid omhoog en lijkt het alsof ik me opblaas, een hele lekkere cadans en lekker gevoel. Voor een uurtje kan ik dat dan wel volhouden. Maar hier was ik pas op de helft. Snel ging ik maar naar de 200 Watts maar een kwartiertje later met nog 17 kilometer te gaan merkte ik dat ook dat er niet meer inzat. Mijn spieren waren te fel gebruikt in het begin en ik kon niet eens meer roeien als tijdens een LSD training.
Nog wat klungelen. Wat meer pauzes om te drinken. En toen besloot ik te willen stoppen. Mijn tempo ging naar een fijne 19 slagen per minuut en mijn vermogen naar 160 Watt ongeveer 2'10'' per 500 meter. Ik dacht ik ga maar een stukje uitroeien en dan stap ik af. Maar wat denk je, komt eerst iemand van de EHBO of het wel goed met je gaat. ,,Ja ik voel me prima, geweldig zelfs maar het zit er niet in vandaag ik stop”. Denk je net klaar te zijn met je uitroeien komt Duuk nog eens voor mijn neus. Hij vind dat ik toch maar door moet gaan. Jeetje, ach ja, het is ook nog maar 15km. Een uurtje, het is niet alsof ik dat niet eerder heb gedaan. Toen bedacht ik me ook nog dat dit heel erg aanvoelde als het laatste stukje ringvaart dus leek het me goed om daar nog eens voor te oefenen en ben ik maar wel nog door gegaan en ja ik heb de finish gehaald.
Over de tijd ben ik niet tevreden en dat was het enige waar het mij omging. Het is wel een goede ervaring geweest. Te hard van start gaan is achteraf gezien heel stom. Zo'n publiek en ambiance van een wedstrijd helpt je dan wel vooral die laatste kilometers. Bij mij werkte het echter iets te goed de eerste kilometers. Hopelijk geeft me dit meer beheersing volgend jaar. Ik heb er vast ook wat aan bij de ringvaart. Ik zou graag meer wedstrijden willen doen maar het marathon roeien is nog maar een jong wereldje en de rijkdom aan soorten en aantal wedstrijden is niet heel groot. Echter in de hardloopwereld bestaat de ultramarathon ook nog niet zolang en zoiets als de triathlon bestaat ook maar nog net wat meer dan 30 jaar. De ergometer marathon lijkt me zeker wel een wedstrijd die zal groeien. Voor mij komt het op het vaste programma. Het is te hopen dat er meer wedstrijdjes bijkomen.
Een goede informatiebron over ultramarathons: http://www.ultrunr.com
Martijn Weterings, maart 2008.